PHYVIR-expeditie: Ruwere wateren tegemoet

Cubitainers verplaatsen op het onderzoeksschip

PHYVIR-expeditie: Ruwere wateren tegemoet

Expeditie virussen van de zee
Blog

Fytoplankton, microscopisch kleine plantjes in zee, produceert ongeveer de helft van de zuurstof op aarde en speelt een belangrijke rol in wereldwijde koolstofkringlopen. Toch is er nog weinig bekend over de interacties met virussen en de impact daarvan op oceaan en klimaat. Het PHYVIR-project onderzoekt dit met laboratoriumwerk, expedities en geavanceerde modellen.

In deze blogserie volgen we het onderzoek op zee, aan boord van het onderzoeksschip RV Anna Weber-van Bosse. Van voorbereidingen in de haven tot aan de metingen op de Atlantische Oceaan: we nemen je mee achter de schermen van onderzoek op zee.

Door Melle Versluis (promovendus UvA), Xiaonan Cai (promovendus NIOO) en Amelie Wittig (masterstudent UvA)

We zijn onze expeditie begonnen in tropische wateren, waar iedereen in rustig en zonnig weer kon wennen aan de dagelijkse routines op een onderzoeksschip. Maar omdat we koers zetten richting IJsland, waren we ons er allemaal van bewust dat we niet gedurende de hele reis op zulke kalme omstandigheden konden rekenen. Gisteren maakten we voor het eerst kennis met ruigere zeeën en de hele ervaring veranderde meteen.

Omdat we de voorspelling voor hogere golven van tevoren hadden gezien, pasten we het wetenschappelijke programma hierop aan. Voor ons team betekende dit dat we ons experiment eerder op de dag moesten bemonsteren. Dit houdt in dat we 20L-cubitainers, waarin we water voor onze experimenten incuberen, van de incubatoren aan de voorkant van het schip naar de ultraclean container achterop moeten dragen (waar we onder schone omstandigheden bemonsteren om besmetting te voorkomen), met daartussen twee trappen. We hadden speciale rugzakken meegenomen om dit veilig te kunnen doen, en het is een teamprestatie om 18 cubitainers heen en weer te dragen. Maar in ruwe zee wordt recht lopen bijna onmogelijk, zelfs zonder 20 kg extra gewicht. Daarom haastten we ons om eerder op de dag te bemonsteren en met extra hulp van de bemanning lukte het ons om het sneller te doen dan ooit tevoren. Gelukkig maar, want zodra het zware werk achter de rug was en we ons konden richten op het verwerken van onze monsters in de labcontainers, werd het steeds moeilijker ons evenwicht te bewaren. Voor we het wisten, klampten we ons vast aan een labtafel of leunden we tegen een muur om maar op onze benen te blijven staan. Gelukkig hadden we elk losstaand voorwerp in onze labcontainer ruim van tevoren vastgesjord en verliep de monsterverwerking soepel.

Melle Versluis, Xiaonan Cai en Amelie Wittig verplaatsen cubitainers tijdens goed weer. Onder zwaardere omstandigheden waren er geen handen meer vrij om foto’s te maken.

Toen we na een lange werkdag gingen zitten voor het avondeten, werd de coördinatie echter nog lastiger. Op de lange eettafels gleden borden met eten van de ene persoon naar de andere en al snel begonnen zelfs mensen zijwaarts te schuiven terwijl ze op hun stoelen zaten. Je aan de tafel vasthouden en tegelijkertijd proberen om borden en glazen op hun plek te houden, maakte comfortabel eten onmogelijk, en de meesten van ons werkten snel wat eten naar binnen om zo snel mogelijk een stabielere plek op te zoeken. Maar zulke plekken waren nergens meer te vinden; in plaats daarvan moesten we terug naar het lab haasten om de laatste dingen vast te zetten die nog konden bewegen: labstoelen, computerschermen en koelkast- en vriezerdeuren hadden allemaal nog extra spanbanden nodig voordat we de dag konden afsluiten. En zelfs dan is rust moeilijk te vinden als je bij elke golf zijwaarts wordt meegevoerd terwijl je probeert in slaap te vallen…